U bent hier als         |      

 De strategie en aanpak van dit project

Strategie

Ten eerste kiezen we voor een landschapsontwerp waarbij de gewenste sfeer het uitgangspunt van ontwerpkeuzes is. Daarom hebben we voor het Landerdse deel van de Maashorst een sferenkaart opgesteld. Deze sferen sturen ons bij de inrichtingsdetails. Daardoor ontstaat samenhang en richting.

Ten tweede kiezen we, binnen de sferen, voor echte veranderingen die ook in het veld opvallen. We willen een sprekend landschap creëren met variatie en identiteit waar wat te beleven valt. In ons platte land lukt dat het beste met eenduidige keuzes voor een bepaald gebied en andere keuzes voor een volgend gebied.

We kiezen zo veel mogelijk  voor robuuste ingrepen. Het landschap ontwikkelt zich namelijk over vele jaren. Dan moet het wel duidelijk zijn hoe het beheerd moet worden.




Bos als hoofdsfeer.

Volgens ons is bos de essentie van de Maashorst. Natuurlijk is de Maashorst meer dan bos alleen, er is bijvoorbeeld ook veel heide, er zijn landbouwvelden, en de open ruimte in het midden is een belangrijk kenmerk. Maar vanuit de dorpen gezien is het moment waarop je ‘het bos’ ingaat ook het moment waarop je de Maashorst ingaat. Wij vinden het belangrijk dat het voor de bezoeker duidelijk is wanneer hij of zij vanuit het platteland rond de dorpen, en vanuit de dorpen, dat bos ingaat. En we willen de bossfeer zo dicht mogelijk naar de dorpen brengen.

Daarom hebben we een nauwkeurige bossfeerkaart gemaakt. Van ieder pad dat op de grens van bos en platteland ligt geven we aan of het ‘buiten’ of ‘in’ het bos zou moeten liggen.
Natuurlijk zijn er, vooral bij Zeeland, ook heel veel overgangssituaties tussen bos en platteland. Maar wij stellen voor om ook hier de hoofdlijn van ‘wel of niet bos’ te blijven volgen. Bij landbouwkavels die in het ‘bos’ liggen proberen we houtwallen te verstevigen. Zo kunnen ze als ‘landbouw in het bos’ gezien worden.

De grens van de bossfeer komt veel verder naar de dorpen dan de officiële gebiedsgrens IBeP (inrichtings en beheersplan) en is inclusief de grote ‘randzones’ van de Maashorst   De bossfeer kan volgens ons in dit gebied gemaakt worden met beperkte landschappelijke aanplant. Met deze uitgangspunten lukt het om zowel Zeeland als Schaijk beide in ieder geval aan één plek tegen het bosgebied aan te leggen. Wij denken dat dit de beste manier is om een blijvende verbinding tussen de dorpen en de Maashorst te maken.

Binnen het ‘bos’ zijn er verschillende subsferen. Wij onderscheiden de volgende ‘sfeergebieden’ binnen de Maashorst.
  • Direct tegen de dorpen zien wij een sfeer die met de volgende woorden beschreven kan worden: 'Vrij, onthaasten, rand van de natuur,druk, ervaringsrijk, thuis’  Dit is een complexe sfeer die de toegankelijkheid en gebruiksmogelijkheden voor recreatie probeert te vangen, het idee dat mensen zich er op hun gemak moeten voelen en de aantrekkingskracht van de natuur op de achtergrond.
  • Vervolgens zien wij een zone die rustiger wordt maar nog wel echt multifunctioneel is: Vrij, onthaasten, rand van de natuur, stil.
  • Dan volgt de kern van de Maashorst met de grote grazers. Wij zetten de sfeer hier heel anders neer: wildernis en ‘op bezoek’. Wildernis staat voor het onverwachte van de natuur, het niet-geregelde. Op bezoek staat voor veiligheid en het feit dat je er als bezoek wel welkom bent als je je een beetje aanpast.